Nederlandse Tanclub
Rasinfo
Klik om het
document in te zien.
hier
TAN FEHKLEUR, definitieve erkenning ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Per 1 april 2008 is de Tan fehkleur definitief door de Standaardcommissie van de NKB erkend. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Tan fehkleurig Genetische symbolen: atbCdEwyy --------------- (Int.) atbCdEwyy 5. Dek- en tankleur. De Tan is erkend in de kleuren zwart, bruin, blauw, fehkleurig en gouwenaar. Fehkleur. De dekkleur is donker fehkleurig overtrokken met een bruinige waas. Deze bruinige waas is het sterkst op de korter behaarde lichaamsdelen (kop, oren en benen). De dekkleur dient intensief, glanzend en egaal te zijn. De dekkleur mag niet te veel overhellen naar roestbruin of blauw. Ze is vrij van anders gekleurde haren, roestaanslag en lichte haartoppen. De borst en de buik zijn egaal tankleurig. Zij vormen een belangrijk onderdeel van de Tan. De onderzijde van de staart is tankleurig. De schootvlekken bevinden zich tussen de achterbenen, deze zijn sterk tankleurig. De nagelkleur is hoornkleurig. De oogkleur is blauwgrijs en vertoont onder een bepaalde belichting een rode gloed. De snorharen hebben de kleur van het veld waarin ze staan. 6. Tussen- en grondkleur. Fehkleur. De tussenkleur is net onder de dekkleur iets lichter dan de hier verder op volgende grijsblauwe tussenkleur zelf en is niet scherp begrensd. Verder strekt de grijsblauwe tussenkleur zich uit tot aan de wortel toe, hoe verder hoe beter. De triangel, borst en schootvlekken hebben dezelfde grondkleur als het dek. Lichte fouten die specifiek de fehkleur betreffen: Geringe bruinige waas, iets sterke of onregelmatige waas, iets roestige aanslag aan dek, iets naar bruin of blauw neigende dekkleur, iets lichte tussen- en grondkleur, grondkleur die niet tot de wortel doorloopt, iets zwakke nagelkleur. Enige licht getopte haren. Zware fouten die specifiek de fehkleur betreffen: Ontbreken van de bruinige waas, te vale of te donkere dekkleur, te sterke roestaanslag, te lichte onderkleur, te veel lichte getopte haren. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- bron: clubblad 28e jaargang, nr. 1 ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Voorlopige erkenning ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Per 1 maart 2005 is de Tan fehkleur voorlopig voor 3 jaar officieel erkend door de Standaardcommissie. Een opsteker voor de Tanclub! In haar brief schrijft de Standaardcommissie verder: "Bij deze onze felicitaties met het behaalde succes. Voor een definitieve erkenning na 3 jaar dient er echter wel overleg te zijn met de specialclub of het de Tan gouwenaar dan wel Tan feh wordt." Deze laatste zin is een beetjecryptisch. Ik denk dat de S.c. hiermee wil aangeven dat een 5e kleurslag bij de Tans niet echt gewenst is. Het is echter ook mogelijk dat zij de benaming van de kleur niet geheel correct vindt. Op 23 april jl. kwam dit, op de landelijke keurmeestervergadering, wel enigzins naar voren. Bij de bespreking van de Tan feh door dhr. W. Ladenstein uitte deze nog al wat kritiek op de dekkleur. Hij vond deze veel te donker en liet doorschemeren voorstander te zijn van een andere naam. Dit verbaasde ons wel wat, daar de nieuwe standaardomschrijving juist letterlijk gericht is op de omschrijving zoals deze geldt voor de Marburger Feh. Er staat: voor pos. 5 en 6 (dek- en buikkleur en grond- en tussenkleur) zie blz. 220 en 221 van de standaard. Persoonlijk vind ik het erg jammer dat men de kleuromschrijving die ik ingediend heb volledig genegeerd heeft, daar hierin de iets donkerder dekkleur omschreven is en daar dit past binnen de omschrijving van de andere kleuren bij de Tan. Mogelijk kan het bestuur nog eens contact opnemen met de Standaardcommissie. Hieronder volgt de omschrijving zoals deze voor erkenning is ingeleverd. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 4. Patroon en uitmonstering De kleuren zwart, bruin, blauw, fehkleur en gouwenaar vormen met de tankleur de uitmonstering. 5. Dek- en tankleur De dekkleur is zwart, bruin, blauw, fehkleurig of gouwenaar. Fehkleur. De dekkleur is donker gouwenaarkleurig met een bruine waas. Deze bruine waas is het sterkst op de korter behaarde lichaamsdelen (kop, oren en benen). De dekkleur dient intensief, glanzend en egaal te zijn. De dekkleur mag niet te veel overhellen naar roestbruin of blauw. Zij is vrij van anders gekleurde haren, roestaanslag en lichte haartoppen. De borst- en buikkleur zijn tankleurig. Borst- en buikkleur behoren egaal te zijn. Zij vormen een belangrijk onderdeel van de Tan. De onderzijde van de staart is tankleurig. De schootvlekken bevinden zich tussen de achterbenen, deze zijn sterk tankleurig. De nagelkleur is hoornkleurig tot donker hoornkleurig. De oogkleur is blauwgrijs en vertoont onder bepaalde belichting een rode gloed. 6. Tussen- en grondkleur Fehkleur. De tussenkleur is net onder de dekkleur iets lichter dan de hier verder op volgende blauwgrijze tussenkleur zelf en is niet scherp begrensd. Verder strekt de blauwgrijze tussenkleur zich uit tot aan de wortel toe, hoe verder hoe beter. De grondkleur op de rug, triangel, borst en schootvlakken is blauwgrijs. Lichte fouten die specifiek de fehkleur betreffen: Geringe bruine waas, iets sterke of onregelmatige waas, iets roestige aanslag aan dek, iets naar bruin of blauw neigende dekkleur, iets lichte tussen- en grondkleur, grondkleur die niet tot op de wortel doorloopt, iets zwakke nagelkleur. Zware fouten die specifiek de fehkleur betreffen: Ontbreken van de waas, te vale of te donkere dekkleur, te sterke roestaanslag, te lichte onderkleur, te veel licht getopte haren. Waarom proberen we nou niet de juiste of zuivere fehkleur te fokken? Wanneer we trachten om de zuivere fehkleur op de Tans te fokken, krijgen we mijn inziens dezelfde problemen zoals we die kennen met de gouwenaar Tan. Deze kleur zit namelijk op een genetisch eiland, verse bloedlijnen zijn heel moeilijk te creëren en voor lijnenteelt is de populatie te zwak. Bij de feh Tan kun je nu veel gemakkelijker aan bloedverversing doen door kruising met fokonzuivere bruine of blauwe Tans. Dit betekent dan je in de F2 al weer (fokzuivere) feh Tans hebt. Hierdoor is de overlevingskans van deze kleurslag beter gewaarborgd. Wel kunnen de jongen uit deze kruising iets donker in dekkleur zijn, maar men kan dan selecteren op de wat zachter gekleurde dieren. Een groot voordeel van deze kruisingen is dat men binnen het ras kruist en dus goed zit wat betreft type en bouw. Om de huidige feh Tans wat zachter in kleur te krijgen zou men nog kunnen kruisen met een goede gouwenaar Tan, maar persoonlijk ben ik erg bang voor de lichte haartoppen, de schimmelborsten en de lichte staartpunten. Wat op dit moment wel belangrijk is, is dat er genoeg fokkers van deze mooie nieuwe kleurslag komen. Samen sta je sterker! ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- bron: clubblad 25e jaargang, nr. 3, tekst: Roel Schraa ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Op dit moment (1 januari 2007) wordt de Tan fehkleur door de volgende fokkers gefokt: D. Ridderbos te Rotterdam, R.A. Schraa te Wommels, H. Jacobs te Ternaard, M. Dijkshoorn te Beverwijk, A.P. Bloemert te Zwolle, J. van Ooschot te Heerjansdam, E.A. Doorn te Sappemeer. ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------